Het rotsplateau van Midasstad

De ontdekking van Midasstad
Ongeveer 50 km ten noorden van Afyon en 130 km ten zuidwesten van Gordion ligt een groot rotsplateau op een tafelberg in een landschap met meerdere dergelijke rotsformaties (natuurlijke burchten). In 1800 was Captain William Martin Leake (1777 – 1860) op weg naar Egypte, in het kader van Engelse steun aan het Ottomaanse rijk (in de vorm van training van de artillerie) tegen het Napoleontische Frankrijk. Het militaire gezelschap kampeerde in een toen totaal onbewoonde omgeving. Leake meende de naam Midai te herkennen in de inscriptie bij de grote opvallende rotsgevel, die de ingang naar de “rotsburcht” markeerde. Serieus archeologisch onderzoek kwam pas in 1936 op gang.
De basiscompositie van de Phrygische gevelwanden, is - voor ons oog! - van beneden naar boven “opgebouwd” uit een rechthoekig vlak met een nis, omlijst met reliëfs - strakke rechthoekige geometrische patronen - waarboven een driehoekig timpaan is uitgehakt; op de nok van het “dak” prijkt het akroterion, dat ontstaat door de verlenging van de elkaar kruisende schuine zijden van de driehoek en deze vervolgens omhoog naar elkaar toe te krullen in de vorm van twee horens, waardoor een naar boven toe geopende schaalvorm ontstaat; soms ook spiralen of gestileerde bloemen. Soms is de cultusnis slechts een klein vierkant gat, dat leidt naar de “(offer)schacht” achter de gevelwand.
Aan de Onvoltooide gevel in Midas-stad kunnen wij echter zien, dat de gevels niet van beneden naar boven, maar juist van boven naar beneden werden uitgehakt.
Naar de omvang en het grote aantal religieuze monumenten, dat op dit rotsplateau ligt, te oordelen, moet dit de tweede stad (of zelfs het heilige centrum) van het Phrygische rijk geweest zijn. Hier bevindt zich de grootste en meest imposante verzameling Phrygische cultusmonumenten. Er zijn meerdere monumentale gevels, grote en kleinere; uitgehakte tunnels, trappen, schachten, tronen, altaren en graven.

Een keuze uit de vele cultus-monumenten in Midasstad